Nieuws

12.10.2014

Versterking positie ouders in de kinderopvang

Het ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd dat gaat over de versterking van de positie ouders in kinderopvang en peuterspeelzalen. Het is de bedoeling dat deze wijziging per 1 juli 2015 in werking gaat treden.

De wijziging van de wet gaat vooral over oudercommissies en klachtrecht voor ouders. Wij hebben gekeken wat het betekent voor de gastouderopvang.

Oeverloze inspanningen om te komen tot een oudercommissie nog steeds een eis

In het voorstel staat dat gastouderbureaus met minder dan 50 gastouders niet meer verplicht zijn een oudercommissie te hebben, als de houder van het  gastouderbureau zich voldoende heeft ingespannen om een oudercommissie in te stellen.

Dus kleine gastouderbureaus hoeven geen handhaving te vrezen bij het ontbreken van een oudercommissie. Dit is helaas maar een  kleine verbetering van de huidige wetgeving.

Het is de bedoeling dat dit voorstel de positie van de ouders versterkt.  Dan gaat de wetgever er vanuit dat ouders staan te dringen om plaats te nemen in de oudercommissie. Maar in de praktijk moeten gastouderbureaus erg veel moeite moeten doen om ouders enthousiast te krijgen voor het  lidmaatschap van de oudercommissie. 

Waarom niet bij wet vast leggen dat ouders, die die een commissie of ouderraad willen oprichten, hierin door hun gastouderbureaus worden gefaciliteerd. De strekking moeten zijn: als ouders het zelf willen, dan graag! Vergelijk het met de regeling rond personeelsvertegenwoordigingen bij kleine ondernemingen.

Deze aanpassing van de Wet verandert weinig aan de huidige situatie. Nog steeds moet de houder activiteiten ontplooien om ouders te verleiden om deel te nemen in de commissie . Gastouderbureaus met 50 gastouders of meer, lopen nog steeds het risico – afhankelijk van het handhavingsbeleid van de gemeente waarin zij opereren – dat zij een handhaving krijgen. Dus wat draagt dit bij aan versterking van de positie van ouders?

Waarover praat een oudercommissie?
In het wetsvoorstel krijgt de oudercommissie een zwaarder adviesrecht over het pedagogisch beleid en vervalt het adviesrecht op de prijs van de kinderopvang.

Ieder gastouderbureau moet jaarlijks het pedagogisch beleid met de oudercommissie bespreken en ook het jaarlijkse GGD-rapport komt op de agenda.

Voor een zichzelf respecterende kinderopvangondernemer die zijn oudercommissie serieus neemt, zijn dit al punten die besproken worden in de oudercommissievergadering.

En ook andersom; in een zichzelf respecterende oudercommissie, die haar kinderopvangorganisatie serieus neemt, zullen het pedagogisch beleid en de jaarlijkse GGD inspectie regelmatig onderwerp van gesprek zijn.

Wij vinden het  betuttelend om dit bij wet vast te leggen.

Een wettelijke verankering van het recht van een ouder om een oudercommissie op te richten en daarin zelf de onderwerpen van gesprek te bepalen, dat versterkt pas de positie van de ouder,  die graag actief meedenkt met haar gastouderbureau.

Klachtrecht wordt opgenomen in de Wet Kinderopvang
Veel gastouderbureaus zijn aangesloten bij een externe  klachtencommissie. Er is echter geen verplichting om het advies van de klachtencommissie op te volgen.

In het wetsvoorstel is opgenomen dat elk gastouderbureau zich moet aansluiten bij een erkende geschillencommissie.  De uitspraak van de geschillencommissie zal bindend zijn voor houder en ouder.

Bij beschikking van de Minister kan een financiële vergoeding worden verstrekt aan de geschillencommissie. Hopelijk leidt het vaststellen van deze financiële vergoeding niet tot verhoging van de kosten voor gastouderbureaus en ook niet voor de ouders.

Handhaving wordt vermeld in het register kinderopvang

Ouders zijn vaak niet op de hoogte dat hun gastouderbureau of gastouder een handhaving heeft opgelegd gekregen na een GGD-inspectie. Een handhaving kan een aanwijzing of een bevel zijn, maar het kan ook om een boete gaan of zelfs een verbod tot exploitatie. Afhankelijk van de geconstateerde tekortkoming.

In het wetsvoorstel is opgenomen dat een handhaving, zodra  de handhaving onherroepelijk is en het besluit tot handhaving genomen is door B&W, vermeld wordt in het LRKP (Landelijk Register Kinderopvang). Daarbij wordt vermeld welke verplichting de kinderopvangorganisatie of het gastouderbureau of de gastouder niet is nagekomen.

Om dit soort maatregelen actief bij alle ouders onder de aandacht te brengen, stelt de VGOB voor  om vast te leggen dat het GGD-rapport jaarlijks naar de ouders toegestuurd wordt.

Nu geldt de verplichting om het rapport op een voor ouders zichtbare plaats neer te leggen (of op de website te plaatsen) en is het initiatief van ouders bepalend in hoeverre zij op de hoogte zijn van de situatie bij hun gastouder(bureau).

Parlementaire behandeling
Het wetsvoorstel moet nog worden behandeld in de Tweede en in de Eerste Kamer.

 

 

Terug

Laatste nieuws

24.10
2017

Directe Financiering Kinderopvang

Hier leest u meer over de huidige status van de Directe Financiering Kinderopvang.

Lees meer

12.10
2017

Personenregister 2018

In de loop van het eerste kwartaal 2018 gaat het nieuwe personenregister kinderopvang van start. Alle ...

Lees meer

11.09
2017

Doorgeschoten overheidsbeleid kost banen gastouders

De VGOB heeft samen met andere branche partijen een persbericht geschreven naar aanleiding van de plannen van minister Asscher. Lees hier het volledig persbericht

Lees meer

Meer nieuws

 

Follow VGOB on Twitter